Orgaandonatie in de islam

Orgaandonatie in de islam
februari 27, 2018 kennishuysadmin

Orgaandonatie in de islam

Alle lof zij toe aan Allah, de Heer der werelden en gebeden en vrede zij met de Boodschapper van Allah die als barmhartigheid naar gehele mensheid is neergezonden en met zijn familie, metgezellen en degenen die hem bijstonden.

Recentelijk heeft de vereniging van Imams in Nederland (VIN) diverse vragen binnengekregen omtrent orgaandonatie, met name na het aannemen van de nieuwe wet over actieve donorregistratie. Wat nieuw is aan deze nieuwe wet, is dat wanneer er geen bewuste keuze is vastgelegd in het Donorregister, de officiële instanties ervanuit mogen gaan dat iemand geen bezwaar heeft tegen donatie van zijn of haar organen bij overlijden. Directe nabestaanden behouden in dit geval wel de mogelijkheid om de donatie van de organen van de overledene tegen te houden.

Vanwege de onduidelijkheden die er zijn en vanwege onze betrokkenheid als VIN wensen wij het volgende hierover mee te delen: de kwestie van orgaandonatie en de implementatie hiervan betreft een hedendaagse vraagstuk. Deze kwestie was niet bekend in de eerste eeuwen van het ontstaan van de islam, daarom kan men niet beroep doen op studies en onderzoeken van de geleerden uit de voorgaande eeuwen. Dit betekent echter wel dat er in beginsel geen specifieke regels en of eenduidige bewijzen hierover te vinden zijn vanuit de Koran en de Soenna. Gezien het een nieuwe kwestie betreft, hebben de hedendaagse geleerden zich ingespannen om het vanuit een islamitisch perspectief te verduidelijken. Hierbij is rekening gehouden met de fundamenten van het geloof en de basisprincipes van de Sharia.

De meningen van de geleerden zijn hierover verdeeld. Enerzijds is er een aantal geleerden dat het verbiedt en anderzijds is er een overgrote meerderheid van geleerden die van mening is dat het in principe toegestaan is om menselijke organen en ledenmaten te doneren en te implanteren. Dit geldt zowel voor donatie door een levende persoon naar een andere levende persoon als door een overleden persoon naar een levende persoon. (Lees onder de foto verder.)

De mening dat het is toegestaan, is de mening van vrijwel alle hedendaagse fatwa-commissies wereldwijd, zoals de Internationale Fiqh (jurisprudentie) Academie, die tientallen geleerden als leden heeft. Verder is dat ook de mening van de Europese Raad voor Fatwa en Onderzoek. De Al-Azhar in Egypte heeft ook een soortgelijke uitspraak gedaan.

Deze groepen geleerden die het toestaan, baseren dit voornamelijk op het feit dat orgaandonatie iets betreft wat in het voordeel van de mens is, bijdraagt aan het beschermen van menselijke levens en het behouden van de menswaardigheid. Echter is het volgens hen enkel toegestaan onder een aantal voorwaarden en is het gebonden aan een aantal regels. Deze zullen wij hieronder kort opsommen:

  • het doneren mag niet ten koste gaan van het leven van de donor zelf. Zo mag men geen organen en of ledenmaten doneren waarvan de persoon afhankelijk is. Een hart of een lever mag men om die reden niet doneren (wanneer men in leven is);
  • het moet vrijwillig zijn en vrij van elke vorm van dwang en belangen zoals het kopen en/of verkopen (handel) van deze ledematen en/of organen;
  • het moet de enige medische optie zijn. Als er alternatieven zijn, dan is het niet toegestaan;
  • de slaagkans van de operatie en het aanslaan van de behandeling dient redelijk hoog tot hoog te zijn en niet zeer onwaarschijnlijk of laag;
  • dat wat gedoneerd wordt mag geen erfelijke elementen of vruchtbare kenmerken hebben, zoals het doneren van vruchtbare eierstokken. Het mengen van nageslacht is immers niet toegestaan binnen de islam.

De mening van de VIN omtrent deze kwestie wijkt niet af van bovenstaande mening van de geaccepteerde fatwa-commissies die eerder zijn genoemd.

In het uitzonderlijke geval dat een persoon hersendood verklaard wordt, zijn de meningen over donatie van de organen ook verdeeld. Hersendood betekent dat alle functies van de hersenen zijn gestopt en ook nooit meer kunnen herstellen. Hierbij functioneert het hart door middel van apparaten en zelden op een natuurlijke wijze. De meningen van de geleerden zijn ook hier weer in twee groepen onder te verdelen:

  • één groep beschouwt de staat van het hersendood zijn als een natuurlijke dood. Deze opvatting wordt door betrouwbare artsen bevestigd en gedeeld. Daarmee zeggen deze geleerden dus dat het toegestaan is om als het ware ‘de stekker eruit te trekken’ en de ledenmaten en of organen van het individu te transplanteren. Volgens hen is degene die hersendood is ook religieus gezien dood;
  • de tweede groep is van mening dat er pas sprake is van een dood op het moment dat de ziel het lichaam volledig ‘verlaat’. Dat wil zeggen dat er geen teken meer is van leven in welke deel van het lichaam dan ook. Deze geleerden en juristen zijn, tenzij er overduidelijke tekenen zijn dat iemand daadwerkelijk is overleden, uiterst voorzichtig in het dood verklaren van het individu. Dit heeft voornamelijk te maken met de consequenties van deze verklaring. Denk hierbij aan de rituele wassing, het proces van begraven en het verdelen van het erfgoed tussen de nabestaanden.

Het probleem blijkt echter dat veel ledenmaten en organen enkel gebruikt kunnen worden als het lichaam nog (deels) functioneert en men in een staat van hersendood verkeert. Zodra het hart stopt met werken, verliezen veel organen van het lichaam hun bruikbaarheid en functie. Onze huidige mening betreffende de situatie waarin iemand hersendood wordt verklaard, is als volgt:

De nieuwe wet is aangenomen, maar is praktisch tot aan zomer 2020 nog niet uitvoerbaar. Dit geeft de moslims en de religieuze instellingen extra tijd om deze kwestie zorgvuldig te bestuderen en de specialisten op dat gebied te raadplegen om een helder en vooral correct standpunt in te nemen. Om die reden achten wij het voorlopig niet wenselijk om hier overhaaste conclusies over te trekken en religieuze uitspraken te doen. Dit geldt met name voor personen die hier niet bevoegd toe zijn. Het verbieden c.q. toestaan van zaken, in de naam van het geloof, zonder gedegen opleiding en kennis, is een kwalijke zaak. Denk hierbij aan de interpretatie van Koranische vers: “En zeg niet over wat uw tongen beweren van onwaarheid, “Dit is wettig en dit is onwettig,” om leugens over Allah te verzinnen. Inderdaad, degenen die leugens over Allah verzinnen, zullen niet slagen.” (Annahl – Deel 14 vers 116)

Ten slotte wensen wij te benadrukken dat wij de zaken enkel vanuit een religieus perspectief benaderen en de uiteindelijke beslissing en verantwoordelijkheid liggen volledig bij het individu zelf.

En Allah weet het beste,

De Vereniging van Imams in Nederland